Na mijn Elementaire Militaire Vorming (EMV) werd ik op het Commandant Der Zeemacht (CZM) geplaatst om mijn dagen te vullen met op wacht staan in de hal bij de entree. Na een paar weken had ik het hier wel voor gezien en vroeg een varende plaatsing aan. Binnen een week moest ik me melden op het fregat HrMs van Speijk, die gelijk na het weekend voor een 6 weekse oefenreis naar zee zou vertrekken. Het begon al goed, want na 3 dagen kwamen we in een storm terecht en aangezien ik alleen met een kano heb gevaren in een sloot, was ik binnen de kortste keren zeeziek. Op vrijdag liepen we binnen in Gothenburg en was de zeeziekte gelijk weer verdwenen.
Op zondag liep ik nog wat rond en kwam een alleraardigst Zweedse jongedame tegen. Het werd al laat, dus besloten we dat ik bij haar thuis zou slapen om me vervolgens bijna te verslapen. Dus met gezwinde spoed terug naar het schip, waar ik als laatste bemanningslid nog net op tijd aan boord kwam. Het scheelde maar 5 minuten, want anders was het schip zonder mij naar zee gegaan. De schipper nam me wel even apart en zei dat ik als jongste bemanningslid een groot risico had gelopen door zo laat aan boord terug te komen. Mocht dat zijn gebeurd, dan waren de rapen gaar. Dan had ik via het Nederlandse consulaat naar de volgende haven moeten reizen en alle kosten, plus een flinke straf, waren dan mijn deel geweest als 18 jarig ventje.


